Philosophy Of Music (10): De zinvolle muzikale geworpenheid

De bekende Duitse filosoof Martin Heidegger schreef in 1927 het wereldberoemde werk ‘Zijn en Tijd’ waarin hij de fundamentele rol van de tijdelijkheid van het menselijk bestaan op een subjectieve en objectieve manier bestudeerde. Dit boek is tot op de dag van vandaag van enorm belang voor alle humane wetenschappen, maar bezit een gebruik van vocabularium dat zelfs de meest literaire mensen niet helemaal kunnen vatten. Als je echter op een goede manier zoekt naar secundaire literatuur is het mogelijk de boeiende denkwereld van Heidegger beter te begrijpen. In dit kort blogbericht wil ik niet de gehele filosofie van Heidegger uitleggen. Dit zou maanden of zelfs jaren duren. Er wordt niet voor niks nog altijd intensief onderzoek op zijn werken gedaan. Ik ga in op het begrip ‘geworpenheid’ en zal dit linken met ideeën van de Noorse muziekwetenschapper Joan-Roar Bjorkvold.

De mens wordt geboren in een zwerm van mogelijkheden, een chaos van dingen. Een baby wordt letterlijk geworpen in het vergankelijke bestaan. Geworpen zonder een zin. Het heeft geen essentie, het heeft enkel mogelijkheden voor zich, waarin hij huilend in terecht komt. Hij is immers bang voor al die chaos en wil terug naar moeders veilige woonplaats. Doorheen het leven tracht de mens bepaalde mogelijkheden tot zijn essentie te maken waardoor hij zin kan geven aan zijn leven. Geworpenheid uit zich in een essentieloze bestaan van een baby. Het wordt geboren zonder dat het enige vorm van zingeving in zich heeft. Dit vat in het heel kort samen wat Heidegger bedoelt met het begrip geworpenheid.

Als Heidegger gelijk heeft dan is de mens bij de geboorte een leeg wezen. Een wezen zonder inhoud, waarin doorheen de tijd van het leven verschillende zaken worden gestoken. Een van die dingen kan muziek zijn. Je eerste ervaring met Beethoven, de intense verbondenheid met Pink Floyd of een passionele hereniging met Nick Drake. Het zijn allemaal zaken die een muzikale inhoud vormen en die je leven zin kunnen geven. Heidegger geeft me grotendeels gelijk dat de mistvorming essentiële componenten van de mens bevat die doorheen het leven verder kunnen aangroeien. Heidegger stelt echter dat muziek eenzelfde gelijke mogelijkheid is om als mens essentieel doelmatig mee bezig te zijn als bv. voetballen. Het zijn beide mogelijkheden die vanaf de geboorte gekozen kunnen worden. Het blijven één van de vele keuzes in het essentieloze bestaan van de baby.

Is dit wel zo? Heeft Heidegger gelijk? Is de mens bij de geboorte zonder zin? Het lijkt ons soms heel plausibel dat een baby inderdaad zonder een vorm van aanwezige zin wordt geworpen in deze wereld. Dit beeld van de mens wordt echter op een boeiende manier weerlegd door de hedendaagse muziekwetenschap. In het boek ‘ De Muzische Mens’ van de Noorse muziekwetenschapper Joan-Roar Bjorkvold uit 1992 wordt gesteld dat de mens al voor zijn geboorte een bepaalde muzikale zin heeft meegekregen, die zich uit in een essentie. Volgens de onderzoekers DeCasper & Spence leek het erop dat de voorkeur voor bepaalde geluiden na de geboorte beïnvloed werd door hetgeen er in de prenatale fase gehoord werd.

Om de hypothese te onderzoeken vroegen ze aan zestien zwangere vrouwen om hun ongeboren kinderen een bepaald rijmpje in een ritmische toon te laten zingen. Dit betreffende het bekende Amerikaanse rijmliedje ‘The Cat in the Hat’ van Dr. Seuss.

Ze moesten de laatste zestien weken van de geboortecyclus het hele stuk luidop zingen. De inhoud van het boek zou door de foetus in totaal 5 uur gehoord worden. Wanneer de kinderen geboren werden, werden ze verbonden met een bandrecorder waar het stuk opnieuw ritmisch werd afgerateld door hun moeder. Eveneens werd er in een tweede context een ander rijm ritmisch voorgelezen voor het kind namelijk ‘The King, the Mice and the Cheese’ van de Gurneys. Bij beide contexten werd de reactie van de kinderen afgeleid uit een zuigtest en een systeem met een fopspeen dat ik hier niet uit de doeken ga doen. Hieruit bleek dat de kinderen allemaal heel duidelijk ‘The Cat in the Hat’ verkozen en niets moesten hebben van de andere rijm. Om uit te maken of de baby’s de stem van de moeder, het ritme van het lied of de bekendheid ervan als reden zagen voor de reactie, hebben DeCasper & Spence het fonetische karakter, de rijm en het ritme van de rijmliederen veranderd. Vier jaar later stelden ze vast dat de kinderen nog altijd de liederen konden herkennen en dat dit onafhankelijk van de stem van de moeder gebeurden. De moeder stond in het centrum van het proces als een taaloverbrenger. Het bleek dat ze vooral een muzikale moedertaal doorgaf door middel van haar melodische stem. De beklemtoning, het ritme, tempo en dynamiek kregen een muzikale betekenis voor de foetussen en werd bepalend voor hun verdere leven. Het werd duidelijk dat het kind in zijn bestaan werd geworpen met een essentiële muzikale bagage. Een bagage die sociaal is, doordat het kind in contact stond met de moeder. Het gaf hem of haar een vermogen om sociaal te leven. De muziek zat al vast aanwezig in het kind en het wou al van de geboorte samen met de medemens muzikale ervaringen opbouwen.

Er werd dus al voor de geboorte een essentiële mogelijkheid bepaald, en niet zoals Heidegger zei na de geboorte. Doordat de moeder melodieën zong zal de foetus in essentie een sociaal wezen worden. Het neemt waar, leert en herinnert. De foetus zag in dat muziek een noodzakelijke mogelijkheid moesten worden in zijn leven. Een manier om samen intens muzikaal te ervaren. De baby werd geworpen in het vergankelijke bestaan, maar niet op een zinloze manier zoals Heidegger stelde. Het wordt muzikaal geworpen. Het draagt zaken met zich mee die de moeder er met liefde heeft ingestopt. Een deel van de inhoud van het kind werd al voor de geboorte bepaald. De mens komt hierdoor niet in een volledig essentieloos bestaan terecht. Het koestert de muzikale mogelijkheid om te leven. De muziek gaf al zin aan zijn leven voor het geboren werd. Op een mysterieuze liefdevolle manier bouwt het daarna een eigen muzikaal leven op. Het ervaart rijkelijk de muzikale taal. De muzikale misten zweven als prachtige waterbellen door zijn menselijk bestaan. Een muzikaal verhaal dat al voor de geboorte begon, wordt heel het leven verder aangevuld. Misschien verklaart dit eindelijk waarom ik de muziek van de jaren 90 en daarvoor zo goed vind en toevallig geboren ben in 1992. De hele muzikale geschiedenis wordt herboren bij elke nieuw kind dat op deze aarde wordt gezet. Een ode aan de muzikale voorplanting? Zeker weten!

 

Advertenties

Over toke300

Musician , Philosopher, Writer, ...
Dit bericht werd geplaatst in Philosophy Of Music. Bookmark de permalink .

2 reacties op Philosophy Of Music (10): De zinvolle muzikale geworpenheid

  1. stijn1988 zegt:

    Zouden ze op de boekenbeurs nu ook al seksboeken hebben over muzikale voortplanting? Of een boek voor nieuwe mama’s met handige tips zoals ’10 schijven die je beter niet aan je kleine laat horen’? Hoe dan ook, binnenkort komen ze zeker op de proppen met ‘Spotify in utero’, muzikale voortplanting verzekerd!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s